Cultuur in Brabant

Over de waarde van kunst en cultuur wordt veel en verschillend gedacht, afhankelijk als ze in ieder geval ten dele is van persoonlijke appreciatie voor wat mooi is, wat uitdaagt, wat pijn doet, wat schuurt. Er is een neiging de waarde van kunst en cultuur te willen uitdrukken in termen van direct economisch rendement. Maar kunst en cultuur zijn meer dan bronnen van werkgelegenheid.
Kunst en cultuur geven vorm aan de normen en waarden die groepen in onze samenleving verbinden. Ze tonen en geven ruimte aan diversiteit in die samenleving en schragen daarmee onze democratie. Ze voeden onze verbeeldingskracht en stellen ons zo in staat greep te krijgen op de werkelijkheid en er aan te ontsnappen. Ze laten ons de werkelijkheid niet als gesloten maar als open ervaren. Kunst en cultuur geven lucht en zuurstof aan de samenleving. Net als fundamenteel wetenschappelijk onderzoek en natuur gedijen kunst en cultuur in de vrije ruimte. Beleidsmatig vragen ze om oog voor het nut van het (schijnbaar) nutteloze.

In de Agenda van Brabant is cultuur gedefinieerd als een van de provinciale kerntaken, naast ruimtelijke ontwikkeling en inrichting, bereikbaarheid van de regio en regionaal economisch beleid. De definitie van cultuur als kerntaak komt voort uit de focus op vestigings- en leefklimaat: de Provincie realiseert zich dat de culturele kwaliteit van de leefomgeving een doorslaggevende factor is om burgers en bedrijven te boeien en talenten te binden. De Provincie onderschrijft daarmee beleidsmatig de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek door onder meer de Atlas voor Gemeenten en het Centraal Planbureau, die laten zien dat het aanbod van kunst en cultuur in hoge mate bepalend zijn voor de concurrentiepositie van steden. Deze visie op de betekenis van kunst cultuur vormt een goed uitgangspunt voor een ambitieus cultuurbeleid, zeker waar de Agenda van Brabant aangeeft dat de Provincie Brabant wil positioneren als complete kennis- en innovatieregio die op Europees en mondiaal niveau kan meespelen.
Tegelijkertijd moet echter worden vastgesteld dat waar cultuur in de Agenda van Brabant nadrukkelijk wordt betrokken op ruimte en economie, in de praktijk cultuur op zowel provinciaal als gemeentelijk niveau beleidsmatig als een geïsoleerd domein functioneert. De infrastructurele betekenis van kunst en cultuur wordt wel beleden maar niet beleefd. Wellicht moet daar ook de oorzaak worden gezocht voor het feit dat nergens in Nederland door de gezamenlijke overheden zo weinig in kunst en cultuur wordt geïnvesteerd als in Brabant. Dat komt primair door de geringe investeringen door het Rijk, maar geconstateerd moet worden dat de provinciale ambities zich niet vertalen in de behoefte dit tekort schieten van het Rijk te compenseren. Met als resultaat dat Brabant, ingeklemd tussen en concurrerend met de Randstad, de Vlaamse stedendriehoek en het Ruhrgebied, in cultureel opzicht de zwakste van de vier is. Het verklaart in hoge mate dat de Brabantse arbeidsmarkt, zeker voor hoger opgeleiden, bloot staat een permanente brain drain en dat het voor de slimste regio ter wereld meer dan een uitdaging is om de slimste mensen ter wereld te verleiden zich hier te vestigen.
Het neemt niet weg dat Brabant een levendig en gevarieerd cultureel leven kent. Brabant heeft een nog altijd krachtig verenigingsleven, dat de voedingsbodem vormt voor een bloeiende culturele amateursector. Brabant telt twee van Nederlands belangrijkste musea voor moderne kunst. Het herbergt unieke museale werkplaatsen van internationale betekenis. Het kent een levendige filmen muziekcultuur. Is toonaangevend op het gebied van design en landkunst. Er vinden verschillende festivals plaats waar de grenzen van de beeldcultuur worden verkend en overschreden.
Tegelijkertijd is veel van dat cultureel leven kleinschalig en is de uitstraling ervan buiten de provinciegrenzen bescheiden. De Brabantse cultuur is een verborgen, en misschien moeten we zeggen: een verborgen gehouden, schat. Het levert Brabant in de Lonely Planet gids de kwalificatie op ‘primarily a land of agriculture and industry’ te zijn – ‘Noord-Brabant won’t fill your schedule’. De bezuinigingen door Rijk, Provincie en gemeenten leggen de daarmee gegeven kwetsbaarheid van de Brabantse culturele infrastructuur onder een vergrootglas.

Uit: Cultuur in Brabant. Een infrastructurele verkenning, mei 2012

Geef een reactie